Human Performance Code › De acht schakels › Gezondheid
HPC-04
Gezondheid bepaalt niet wat je wilt. Het bepaalt hoeveel van wat je wilt er daadwerkelijk uit komt.
Gedrag, geen symptomen. Dit is wat anderen je zien doen als gezondheid je zwakste schakel is.
Lees het hele model in de white paper. Download gratis
Gezondheid is in dit model de fysieke bovengrens waarbinnen alle andere schakels moeten werken. Het lichaam is het voertuig onder de rest: de route kan perfect zijn uitgestippeld, het voertuig bepaalt of je aankomt en in welke staat. De schakel valt uiteen in vier gebieden, inspanning, voeding, herstel en slaap, en die worden hier niet als losse leefstijlthema's behandeld. Ze zijn samen de vier variabelen die bepalen hoeveel capaciteit er beschikbaar is op het moment dat er iets van je gevraagd wordt.
Het mechanisme is adaptatie. Het lichaam stelt de standaard bij op basis van wat er structureel van gevraagd wordt. Wordt er weinig gevraagd, dan wordt het systeem efficiënt in zuinigheid. De beschikbare capaciteit zakt en het referentiepunt zakt mee. Dat laatste is het lastige deel. Je meet je huidige toestand af tegen je huidige toestand. Wie op een fractie van de eigen capaciteit draait ervaart dat als normaal, omdat het aangepaste niveau het enige ijkpunt is dat er nog is.
Daarom werkt deze schakel onder druk anders dan op een gewone dag. Op een gewone dag merk je een laag plafond niet, want er is genoeg voor een gewone dag. Het verschil wordt zichtbaar als er extra gevraagd wordt. Dan blijkt of er reserve was of alleen dagelijkse dekking. Het onderscheid dat telt is hoeveel je kunt geven op het moment dat het nodig is, en dat is niet af te lezen aan hoe je je op een rustige dinsdag voelt.
Het tweede argument om dit een plafond te noemen is dat het lichaam de kwaliteit van het denken bepaalt. Uitputting verschuift besluitvorming van overwogen naar impulsief. Wie in overlevingsstand staat neemt geen strategische beslissingen. Mindset, error skills en commitment worden allemaal uitgevoerd door hetzelfde vermoeide of uitgeruste systeem.
En daarom is de schakel geen eindstation. De omkering waarin fitheid zelf het doel wordt is een valkuil: de raceauto die gebouwd wordt en in de garage blijft staan. Het plafond omhoog brengen is zinvol in verhouding tot wat je eronder wilt doen. Voor de een is dat ondernemen op hoog tempo, voor de ander een dag met kinderen doorkomen zonder in te storten. De maatstaf is steeds dezelfde: is het lichaam de beperkende factor in wat je wilt.
Je batterij is nooit zomaar leeg. Die is simpelweg vaak onderbenut.
Na zeventien tot negentien uur wakker zijn daalt cognitieve prestatie tot een niveau dat gelijkstaat aan een bloedalcoholgehalte van 0,05 procent.
Williamson, A. M., Feyer, A. M. (2000). Moderate sleep deprivation produces impairments in cognitive and motor performance equivalent to legally prescribed levels of alcohol intoxication. Occupational and Environmental Medicine, 57(10), 649-655. · Alle acht de bronnen en hun grenzen
Dat is het punt waarop deze schakel ophoudt een leefstijlonderwerp te zijn. Een lange dag verandert de kwaliteit van je oordeel op een manier die je zelf niet waarneemt, want het instrument waarmee je meet is hetzelfde instrument dat is aangetast.
Deze schakel ligt onder de andere zeven. Doelen zijn geloofwaardig in verhouding tot het plafond eronder. Het lichaam bepaalt niet wat je mag willen, het bepaalt hoeveel van dat willen er over een langere periode uit komt.
De relatie met mindset gaat twee kanten op. Fysieke druk is de omgeving waarin mentale weerbaarheid zichtbaar wordt. Tegelijk verandert vermoeidheid de kwaliteit van het denken zelf. Wie uitgeput is heeft dezelfde mindset in een slechter functionerend systeem.
Bij motivatie zit een diagnostische verschuiving die vaak gemist wordt. Wegvallende drive is niet altijd een motivatieprobleem. Als het plafond te laag hangt, is werken aan motivatie werken aan het verkeerde niveau.
Het werk begint bij waarneming, niet bij ingrijpen. Er moet eerst een eerlijk beeld zijn van waar het plafond nu ligt. Bij tegenvallende prestaties is de eerste vraag niet wat er moet gebeuren. De eerste vraag is welk van de vier gebieden hier het knelpunt is: inspanning, voeding, herstel of slaap.
Dat vraagt iets anders dan zelfrapportage. Omdat het gevoel meebeweegt met de achteruitgang is ik voel me wel oké geen meting. Waarnemen wat er feitelijk op een dag gebeurt in plaats van wat je denkt dat er gebeurt, en het verschil tussen die twee als vertrekpunt nemen, is dat wel. Dat inzicht is meestal onaangenaam. Dat is het teken dat de meting klopt.
De tweede beweging is je huidige toestand loskoppelen van je capaciteit. Zolang die twee samenvallen in je beleving is er geen probleem zichtbaar. Het werk begint op het moment dat je accepteert dat het niveau waarop je nu draait een aangepast niveau kan zijn.
De derde is inspanning en herstel als twee aparte posten behandelen, waarbij herstel net zo bewust wordt ingericht als de belasting. De vierde is timing boven volume. De vraag verschuift van hoe je meer doet naar wanneer je beschikbaar moet zijn en wat daarvoor nodig is.
De eerste stap is meten waar deze schakel staat ten opzichte van de andere zeven. Zolang je niet weet of gezondheid je laagste is, is werken eraan een gok.
Deze schakel raakt aan slaap, voeding, medicatie, herstel en belasting. Dat is persoonlijk en medisch terrein. De Human Performance Code biedt een denkkader om te zien waar het knelt en geen behandeling. Voor keuzes over je eigen lichaam, en zeker bij klachten, medicatie of een bestaande aandoening, is een arts of een andere bevoegde professional de aangewezen weg. Op deze pagina staat daarom geen enkel protocol, geen dosering en geen aanbeveling over wat je met je lichaam zou moeten doen.